Arnhem en Nijmegen kunnen ook versneld van aardgas af

Onlangs werd Groningen getroffen door een van de zwaarste aardbevingen van de afgelopen vijf jaar. Dit was opnieuw een wake-up call. De gaskraan in Groningen moet verder dicht, maar dat betekent onherroepelijk dat deze thuis ook dicht moet. Aan de slag dus met isolatie, warmtepompen en warmtenetten. Steden die de luxe hebben van een warmtebron, zoals Arnhem en Nijmegen, kunnen snel, relatief goedkoop en grootschalig vele duizenden woningen van het aardgas af halen. Tegelijkertijd is daar argwaan tegen, omdat deze warmtenetten niet duurzaam of niet duurzaam genoeg zouden zijn. Een artikel in De Gelderlander.

Bij veel industriële processen komt warmte vrij. Dat geldt bijvoorbeeld voor het maken van staal en papier of het opwekken van elektriciteit door het verbranden van afval (zoals bij de AVR in Duiven en ARN in Weurt). Warmte die nu nog grotendeels wordt geloosd in de lucht of het water. Die industriële restwarmte kunnen we echter nuttig inzetten, door woningen, kantoren en tuinbouwkassen te verwarmen. In Nederland wordt er net zoveel restwarmte verspild als dat de Nederlandse huishoudens aan warmte nodig hebben. Niet alles staat op de juiste plek en niet alles is af te koppelen, maar een deel kan wel degelijk worden ingezet voor de verwarming van onze woningen. Zeker in de regio Arnhem-Nijmegen, waar twee grote warmtebronnen beschikbaar zijn, dicht in de buurt van stedelijk gebied.

Stap één in de verduurzamingsstrategie voor warmtenetten is dan ook te zorgen dat de verspilling van warmte wordt tegengegaan door vele duizenden woningen te isoleren en aan te sluiten op het net. De restwarmte van de afvalenergiecentrales is relatief goedkoop waardoor warmteinfrastructuur sneller tot stand kan komen. Stap twee is ervoor zorgen dat over de volle breedte woningen verdergaand worden geïsoleerd, waardoor de temperatuur van zo’n warmtenet geleidelijk kan worden verlaagd. Het warmteverlies neemt daardoor af en het net wordt zo toegankelijk gemaakt voor andere duurzame warmtebronnen.

De laatste stap is namelijk het vervangen van de huidige bronnen door volledig hernieuwbare alternatieven. Goed voorbeeld hiervan is diepe aardwarmte (geothermie). Binnenkort wordt de bodem in verschillende delen van Nederland met seismiek in beeld gebracht. Hierdoor krijgen we een beter beeld waar kansen liggen in deze regio voor diepe aardwarmte. Aanvullend of als alternatief kunnen lokale bronnen met een lagere temperatuur benut worden en op reeds gerealiseerde warmtenetten worden aangesloten. Denk daarbij aan datacenters, rioolwaterzuiveringsinstallaties en zelfs oppervlaktewater. Deze lagere temperatuur warmte kan lokaal met warmtepompen worden opgewaardeerd naar de gewenste temperatuur.

De warmtenetten in Nijmegen en Arnhem leveren nu al een CO2-reductie op van 50-85%. Dat is niet meteen honderd procent duurzaam, maar elektriciteitsnetten en zeker gasnetten zijn dat ook nog niet. We zijn met allerlei partners in de regio druk bezig met onderzoek en pilots om de netten nu en in de nabije toekomst verder verduurzaamd te krijgen. We doen dat met dezelfde strategie waarmee Denemarken groot is geworden. Het land geldt in Europa als een van de koplopers op duurzame energie en daar is 60% aangesloten op een warmtenet (in Kopenhagen zelfs 98%).

Veel wijken en woningen kunnen worden verwarmd middels warmtenetten, maar niet de gehele stad, laat staan het landelijk gebied. Daarom hebben we ook andere technieken nodig, zoals verzwaarde elektriciteitsnetten, vergaande isolatie en warmtepompen die op elektriciteit draaien. Alle technieken hebben voor- en nadelen maar we hebben niet de luxe om iets uit te sluiten. Het blijven bekritiseren van warmtenetten of andere duurzame alternatieven zorgt niet voor een versneld afscheid van aardgas. Resultaat zal zijn dat er helemaal niets veranderd en daar worden ze in Groningen niet blij van.

Jan van der Meer

Bij het bureau Over Morgen werkzaam als warmteregisseur voor de regio Arnhem-Nijmegen