‘De Chef Klimaat worstelt met weerstand’

De Gelderse gedeputeerde Jan van der Meer (GroenLinks) worstelt. Met gemeenten die geen windmolens willen. Met de weerstand tegen de biomassacentrale van Veolia, ook binnen zijn eigen partij. Maar de Nijmegenaar gaat ‘moedig voorwaarts’. Linksom of rechtsom, er moet iets gebeuren: ,,Het is alarmfase nummer 1.” Een interview in de Gelderlander. 

Vanaf het begin van het gesprek steekt Jan van der Meer zijn frustratie niet onder stoelen of banken: de discussie over biomassa, vindt hij, is de afgelopen maanden ontspoord. In Gelderland richt de discussie zich vooral op de biomassacentrale van Veolia in Arnhem, op Industriepark Kleefse Waard. ,,Soms leek het wel alsof er een hetze gaande was. En iedereen had er ineens een mening over en voelde zich deskundig. Maar als je het hebt over goed gebruik van biomassa, dan is het dáár juist allemaal goed geregeld.”

Hoezo dan?

,,Daar gebruiken ze biomassa op hoogwaardige wijze. Er wordt stoom met hoge temperaturen van gemaakt en een beetje stroom. Uit de rookgassen halen ze weer warmte voor de bedrijven. Daar doen ze het dus op een goede manier.”

Want alleen stroom maken van biomassa zou niet goed zijn?

,,Als er nog centrales zijn die alleen maar elektriciteit maken, zouden die meteen gesloten moeten worden. Want daar heb je wind en zon voor.”

Het hout voor de biomassacentrale van Veolia komt van Bio Enerco, dat onder andere hout van Staatsbosbeheer afneemt. “Van de jaarlijkse aanwas aan bomen in de bossen van Staatsbosbeheer wordt jaarlijks zo’n 75 procent geoogst voor planken en spaanplaat”, legt de gedeputeerde uit. Daarvan is gemiddeld zo’n 13 procent niet te gebruiken en dat gaat uiteindelijk de oven in. In centrales in onder meer Lelystad, Utrecht, Purmerend. En sinds kort dus in Arnhem. Maar daarmee is wat Staatsbosbeheer aan stookmateriaal kan leveren, op. Voor Van der Meer een bewijs dat er ook aan biomassa grenzen zitten. ,,We hebben nu negentien centrales in Gelderland, en er komen er nog twaalf bij. Maar daarmee is volgens ons de rek er wel uit. Biomassa kan weliswaar een bijdrage leveren aan de energietransitie, maar beperkt en alleen tijdens de overgangsfase naar andere vormen van duurzame energie.”

Het provinciebestuur, herhaalt Van der Meer nog maar eens, staat achter de centrale van Veolia. Het college is dan ook geenszins van plan om de centrale, waar zo veel verzet van omwonenden en de gemeente Arnhem tegen is, te sluiten. ,,Maar op twee punten hebben tegenstanders, vind ik, wel gelijk. Mensen hebben vooral moeite met de herkomst van biomassa uit verre streken, zoals Noord-Amerika of Oost-Europa. Omdat men het gevoel heeft minder invloed te hebben op hoe duurzaam dat bos beheerd is. Er is argwaan dat als we te veel vragen, dat er uiteindelijk wel heel boomstammen in gaan en dat daar minder controle op is. Dus we gaan kijken of we geografische grenzen kunnen stellen aan de herkomst van biomassa.”

Maar dat is toch al zo? Provinciale Staten hebben bepaald dat het hout voor de centrale van Veolia van binnen een straal van 100 kilometer moet komen.

,,Dat was een motie, met als strekking had dat wij geen financiële ondersteuning zouden geven aan projecten waarbij biomassa wordt gebruikt die van meer dan 100 kilometer ver komt. Alleen: wij ondersteunen biomassacentrales nooit financieel.”

Een nutteloze motie dus.

,,Nou, we willen toch onderzoeken of we die begrenzing dieper in de vergunningverlening kunnen opleggen. In Overijssel hebben ze gezegd: alle biomassa uit de Europese Unie is prima, maar dat vinden wij te ruim. Wij denken meer aan Nederland en de buurlanden: Duitsland en België.”

Dat wijkt wel flink af van de 100 kilometer die de Staten graag zouden zien.

,,Met 100 kilometer redden we het niet met onze 31 centrales. Met een begrenzing, zij het ruimer dan dat, komen we de tegenstanders van biomassa tegemoet.”

Daarmee voorkom je dan die houtkorrels, uit Canada of de Baltische staten, maar niet het transport vanuit de buurlanden.

,,Ja, maar wij importeren werkelijk waar álles. Waar het bos echt afneemt, is natuurlijk in Afrika, Azië en Zuid-Amerika. Dat is niet voor onze biomassa, maar onder andere voor ons veevoer. Dus als je je daar echt zorgen over maakt, dan moet je in de haven van Rotterdam gaan demonstreren.”

En wat is dat tweede punt waar tegenstanders gelijk in hebben?

,,Dat het heel gek is dat wij in Nederland minder strenge eisen stellen aan biomassa dan aan andere vergelijkbare processen. Het Rijk wil dat ook aanpassen, maar ik wil dat voor zijn. Ik heb Veolia gevraagd of ze toch niet nu al bovenwettelijke maatregelen willen treffen door nog een extra filter in te bouwen om die uitstoot van stikstof en fijnstof te voorkomen. Daar gaan ze naar kijken. Als die rookgassen nog extra gefilterd worden, en de CO2 wordt afgevangen, dan is er eigenlijk geen reden meer om biomassa niet te willen.”

Als u dat zo zegt, lijkt het net of al die weerstand onterecht is.

,,Ik heb verhitte discussies op twitter gehad met Gerrit Hiemstra (meteoroloog en weerpresentator, red.) en ik vraag aan Gerrit: kijk nou eens vanuit het perspectief van Veolia. Zij verbruiken aardgas, voor die stoom. Gronings aardgas. Maar daar moeten ze vanaf. Maar ze moeten wel stoom kunnen blijven maken. Daar zijn een paar alternatieven voor. Waterstof is niet voldoende beschikbaar. Dan resteert Russisch aardgas. Maar dat wil je eigenlijk ook niet, want je wilt zeker niet afhankelijk worden van Poetin. Dan blijft biomassa over. Als je dan vraagt aan Gerrit: ‘Wat wil je dan?’, dan wordt het stil.”

Een half jaar is de GroenLinkser nu, oneerbiedig gezegd, Chef Klimaat en Energietransitie van de provincie. De Nijmegenaar heeft zich altijd geprofileerd als de man van zonne- en windenergie, en een beetje biomassa. Dat niet iedereen de urgentie van de omslag naar groene energie voelt, steekt hem. ,,De EU heeft de klimaatnoodtoestand afgekondigd. Het is alarmfase nummer 1. Dat zou moeten betekenen dat iedereen alles uit z’n handen zou moeten laten vallen en aan de slag moet met isolatie, energiebesparing, duurzame energie en elektrische auto’s. De sirenes zouden moeten afgaan, dus wij moeten ook dat tempo maken.”

De gedeputeerde doelt daarmee ook op de eigen doelstellingen van de provincie: 55 procent CO2-reductie in 2030. Van der Meer weet: dat gaat heel lastig worden, zeker nu niet alleen inwoners, maar ook gemeenten de kont tegen de krib gooien. Zoals Bronckhorst, waar de komst van windmolens onlangs op de lange baan werd geschoven.

GroenLinks zit daar in het college en stemde in met het uitstel. Is dat lastig voor u, omdat het haaks staat op wat de provincie wil?

,,Tsja… We gaan moedig voorwaarts. We hebben wind en zon nu eenmaal nodig. We móéten toe naar alternatieven voor al die fossiele brandstoffen.”

,,Ik vind het ook een gek besluit, want de bestuurders in de Achterhoek hebben verklaard energieneutraal te willen zijn in 2030. Dat lijkt nog ver weg, maar het komt steeds dichterbij. Bovendien, in de Achterhoek hebben ze enorme problemen met de droogte. Dus als ze ergens nu al de gevolgen van klimaatverandering ondervinden, dan is het daar wel. Dan kun je wel zeggen, dat moeten anderen maar oplossen. Maar zo werkt het niet. Dan moet je zelf ook zorgen dat het minder wordt.”

Kan de provincie daar iets aan doen?

,,Als er initiatiefnemers zijn die zich helemaal te pletter hebben gepolderd voor windmolens en zonnevelden en ze komen er nog niet doorheen, dan zijn ze welkom bij ons. En dan kijken we of we daar iets aan kunnen doen. Desnoods met een inpassingsplan.”

Dwang dus.

,,Laat ik het zo zeggen: initiatiefnemers die nu bij de provincie komen met plekken waar geen ruimtelijke bezwaren zijn, daarvan kunnen wij de vergunning wettelijk ook gewoon niet weigeren.”

,,Ik vind dat er nog steeds een te negatief frame hangt rondom windmolens. Je kunt ook het beeld hanteren dat die windmolens kunnen gaan verdienen voor de lokale gemeenschap. Nu gaan er miljoenen of miljarden de provincie uit, naar Rusland, naar Saoedi Arabië, vanwege onze fossiele brandstoffen. Je kunt het ook in je eigen regio houden. Daarmee kun je je buurthuis overeind houden. En je hebt geld om de omgeving op te knappen. In Reeth zijn ze van fel anti naar ambassadeurs van windmolens gegaan.”

,,Mensen houden niet van verandering, en zetten snel hun hakken in het zand. Maar doorgaan met fossiele brandstoffen is nog veel radicaler. Dan zeg je dat die klimaatverandering prima is. Dat je nog meer droogte accepteert, bosbranden en noem het maar op.”

Maar als iemand zich al helemaal suf heeft gepolderd, zoals u stelt, dan krijg je dat als provincie toch ook niet voor elkaar? Ze staan daar echt niet ineens te juichen.

,,Nee, dat snap ik. Maar het is uitgesteld hè, het is niet definitief van de baan. Ik wil de beweegredenen nog horen.”

Misschien is dat makkelijk verschuilen voor een wethouder of raad, als ze door de provincie overruled worden.

Van der Meer, lachend: ,,Zoals wij ook altijd de EU de schuld kunnen geven. De nevengeul in Nijmegen was het gemeentebestuur ook jarenlang tegen, net als de inwoners. Uiteindelijk heeft het Rijk gezegd: we gaan het toch doen. Nu ligt het er en is iedereen er trots op. Dat geldt ook voor windmolens. Je kunt naar buiten kijken en denken: ‘Verdorie, daar heb je die krengen weer’. Of je kunt naar buiten kijken en denken: ‘Hé, ze staan weer te verdienen voor ons’. Dat is een hele andere mindset.”