“De energietransitie is mainstream geworden”

Adviseur, warmteregisseur en oud-politicus Jan van der Meer zit tot over zijn oren in de energietransitie; lobbyt in Den Haag, en ontwikkelt visies op gemeentelijk niveau. Een interview met een pleitbezorger van de Van Gas Los-beweging, initiator van warmtenetten, maar vooral een groene realist en voorvechter van verduurzaming van de woningvoorraad. Een interview in het vakblad Enervision.

Voor het interview laat Van der Meer zich bijpraten door Nathan’s directeur Peter Centen. Waar staat het nu met de warmtepomptechniek? De warmteregisseur van de regio’s Amsterdam en Arnhem-Nijmegen zuigt de kennis op. Alle informatie over verduurzaming van de woningvoorraad in Nederland is food for thought, voor de man die aan de wieg staat van de warmtevisies van lokale overheden.

Warmtenet, all-electric en groen gas

“Het gaat zo hard met de kennis en de techniek. Het is hollen om het bij te houden. Maar ik geloof niet dat één oplossing heilig is, ik wil geen enkele techniek uitsluiten. In Nederland is de combinatie van warmtenetten, all-electric oplossingen en op kleine schaal groen en synthetisch gas, een prima uitgangspunt. Niet elke woning heeft een warmtenet in de buurt, niet elke woning is geschikt voor de warmtepomp. Maar wees gerust, ik geloof ook niet dat de warmtepompoplossing een concurrent is van het warmtenet, zoals sommigen dat zien. Integendeel. De technieken die de energietransitie mogelijk maken, moeten juist samen optrekken, en tot 2050 verwacht ik nog technische oplossingen waar we nu nog geen weet van hebben. Ik constateer dat veel partijen nog veel met eigen agenda’s de markt en publieke opinie willen beïnvloeden, waarbij ze het gemeenschappelijke doel uit het oog verliezen. Energie besparen en de bronnen verduurzamen. In mijn werk zet ik kaders neer, wil ik verbindingen maken, en partijen helpen hun visie concreet te maken.”

Van Gas Los

Inderdaad: aan meningen over de Van Gas Los-beweging geen gebrek deze dagen. Het onderwerp staat vol op de agenda. Het zijn dagen waarin Minister Wiebes het uitfaseren van de gasketel gaat onderzoeken, BENG de nieuwe nieuwbouwstandaard gaat worden, de verplichte aansluiting op aardgas in de nieuwbouw vervalt, en pleitbezorgers van verduurzamingswegen elkaar fel bediscussiëren over het te bewandelen pad. Jan van der Meer laveert zich diplomatiek tussen de standpunten door, geholpen door ruime ervaring in de politiek. Van der Meer (52) was van 2006 tot 2014 wethouder in Nijmegen voor GroenLinks, een periode waarbij hij aan de wieg stond van het warmtenet van de Weurtse afvalverbranding, waarmee nu 5.000 maar straks 40.000 woningen van restwarmte worden voorzien. “Acht jaar besluitvorming, een half jaar uitvoering”, knipoogt hij, doelend op de stroperigheid van processen. De beloning voor het ‘groene’ werk, is niet uitgebleven: Nijmegen mag zich komend jaar European Green Capital noemen, Europa’s lichtend voorbeeld op het gebied van duurzaamheid.

Ruimdenker en versneller

Het pionierschap van de Waalstad, vormt deels de basis voor zijn huidige werk, waarin hij als ‘ruimdenker en versneller’ bijdraagt aan een toekomstbestendige leefomgeving. Als adviseur voor bureau Over Morgen is Van der Meer sinds 2015 warmteregisseur voor Metropoolregio Amsterdam (MRA) en per 2018 in dezelfde rol in de regio Arnhem-Nijmegen. Daarnaast adviseert Over Morgen overheden en corporaties voor het ontwikkelen van Warmtevisies, integrale nota’s over de energievoorziening op lokaal niveau. Die regie is op dit moment broodnodig. Het aan tafel krijgen van overheden, netwerkbedrijven, industrie, corporaties en andere belanghebbenden is al een hele klus, laat staan het op één lijn krijgen. “Een nobele maar zware taak”, erkent Van der Meer. Drie jaar ervaring in Amsterdam, met 35 partijen aan tafel, leert hem dat er vooral “doorgemodderd wordt’. Het gaat Van der Meer nog te traag.

Nieuwe kaders nodig

Het ontbreken van gezonde wettelijke kaders en daadkrachtig overheidsbeleid, is volgens Van der Meer een belangrijke factor in die vertraging. Allereerst moet Den Haag principiële keuzes maken met betrekking tot het aardgas, en daar lijkt nu na lange tijd schot in te zitten. “Afscheid nemen van hoogwaardige fossiele energiedragers die met een temperatuur van 1.500 graden onze verwarming van 18 naar 21 graden tillen. Denk daar eens goed over na. De industrie als bron, en warmtepomptechniek bieden toegankelijke alternatieven. De gasprijs moet omhoog, van 65 cent/m3 richting een euro, waarbij lagere inkomens gecompenseerd moeten worden. Daarnaast moet de infrastructuur gesocialiseerd worden. Iedereen betaalt mee aan het gas- en elektranet, maar de warmtenetten moeten volledig worden opgehoest door de afnemers van de warmte. Als een woonwijk all-electric wordt moet het elektriciteitsnet worden verzwaard. Daar betalen we allemaal dan aan mee, ook de mensen die in een woning woningen die aangesloten is op een warmtenet. Andersom is dat dus niet het geval.. Een corporatie wil bovendien nu nog niet meer geld kwijt zijn dan de vermeden ketelkosten, zo’n 3.000 euro per woning over 20 jaar. Een warmtenetaansluiting in Amsterdam kost 5.500 euro. Dat gat moeten we overbruggen, bijvoorbeeld met subsidie. Daarnaast moet het loslaten van de verplichte gasaansluiting ook voor de bestaande bouw gaan gelden. Een simpele wetswijziging volstaat.”

Ambitieuze taakstelling

De doelstellingen zijn ambitieus, maar prikkelen gangmakers als Van der Meer, pleitbezorger van de Van Gas Los-beweging. Komend jaar de nieuwbouw van het aardgas af (ongeveer 50.000 woningen), maar bovenal de bestaande bouw aanpakken. Jaarlijks 30-50.000 woningen tot 2021, daarna een opschaling richting 200.000 woningen per jaar. Van der Meer heeft grofweg drie paden voor alternatieven om aardgas te vervangen. De all-electric methode voor goed geïsoleerde nieuwbouw en renovatie, waarbij de lucht/water of bodemgebonden warmtepomp een sleutelrol speelt. Twee, en zijn voornaamste stokpaardje: de warmtenetten, waarbij woningen aangesloten worden op de energie van restwarmte van industrie of afvalverbrandingsinstallaties, en in de toekomst grote geothermische bronnen. Maar er is in zijn visie ook een rol voor groen of synthetisch gas, bijvoorbeeld voor historische binnensteden, maar ook voor de industrie. Want: van hoogwaardig gas kan de maakindustrie metaal, glas en kunststof maken. “Groengas kan echter maar een klein deel van het aardgas vervangen, maximaal 10%, en niet zo groot zoals de gaslobby doet veronderstellen. Grofweg is 25-50% werk voor de warmtenetten, en tot driekwart van de markt voor all-electric. Waarbij je ook aan hybride vormen moet denken, zoals lage temperatuur-warmtenetten met warmtepompen. Dit is een optie die ik de komende tijd wil gaan agenderen.”

Nek uitsteken

De techniek is er klaar voor; de maatschappelijke cohesie en politieke wil nog niet. En op het verduurzamingstoneel is een freefight ontstaan van methoden en belangen, die er volgens Van der Meer zelfs toe leiden dat corporaties, gemeenten en ontwikkelaars het maar liever bij het oude houden en niet meer hun nek uit durven steken. Een rem op de ontwikkeling. Dat is jammer, gezien de innovatiekracht die hij ziet in de markt. Warmtepomptechniek die goedkoper wordt. Geothermie, riothermie, zelfs het onttrekken van warmte uit retourleidingen. “Kijk naar Kopenhagen, waar 98,3 % van de stad op duurzame warmtenetten is aangesloten. Met een juiste duurzaamheidsstrategie kunnen, nee móeten, ook wij die kant op.”

Mainstream

“De discussies over de energietransitie worden feller”, zegt Van der Meer, dik tien jaar nadat hij in Nijmegen aan een lokale energietransitie begon. Energiebesparingsdoelstellingen en verduurzaming van energiebronnen staan al langer op de agenda, maar de aardbevingen in Groningen en de afhankelijkheid van Poetins gas, hebben de publieke opinie beïnvloed. “Dit betekent dat de discussie niet meer enkel gevoerd wordt door de groene hoek van Marjan Minnesma en Jan Rotmans. De energietransitie is mainstream geworden. En ook al gebeurt dat nog op een niveau waarop de PVV het klimaatprobleem en de wetenschap ontkent en de VVD vooral zijn heil zoekt in ondergrondse opslag van CO2; we zijn wel stappen verder. De consument pikt het op en de markt kantelt van aanbodgericht naar vraaggericht. Zo gaat het ook met de warmtenetten. Er komt vraag, ook al zijn concrete projecten nog schaars. De trein rijdt, en ik verklap je: hij dendert door. De omslag is ingezet, en dat betekent dat heel veel mensen en partijen het vertrouwde (gas) los moeten laten voor een nieuwe werkelijkheid. En dat valt niet mee.”

Tussenstappen

En dat die rijdende trein misschien nog niet op het beste spoor rijdt? Van der Meer vindt dat een energietransitie als deze, zeker in de eerste jaren, gepaard mag gaan met sub-optimale oplossingen. De hybride warmtepomp, de opstelling met een cv-ketel, is zo’n tussenstap. “Het beperkt de vraag naar aardgas en zet CO2-reductie en dus verduurzaming in gang. Maar presenteer het niet als dé oplossing, zoals dat in de Tweede Kamer nu gebeurt. Een ander voorbeeld: het warmtenetwerk van de gasgestookte elektriciteitscentrale in Diemen. Dat is dus ook een fossiele bron, maar levert nog altijd 50% CO2-reductie op ten opzichte van de situatie dat die woningen allemaal verwarmd zouden worden met individuele gasgestookte ketels. Op termijn gaan we de bron vervangen door geothermie en als dat niet lukt dan zijn er nog andere methoden om dit warmtenet verder te verduurzamen. Het hoeft niet altijd meteen 100% goed te zijn. Elektriciteitsnetten en gasnetten zijn ook nog niet 100% duurzaam, dus waarom zou dat bij warmtenetten wel het geval moeten zijn?

Gepasseerde stations

“Ik ben realist genoeg om te zien dat het volmaakte beeld nu (nog) niet realiseerbaar is. Een idealist wil het liefst geen afval produceren en ontkent bijna het bestaan daarvan, een groene realistische idealist gebruikt de afvalverbranding voor een warmtenet. En als die verbranding stopt, gaan we daar bijvoorbeeld geothermie toepassen. We moeten nú wel de handschoen oppakken.” Hij hekelt vertragende en door de lobbykrachten ontstane beïnvloeding van processen; het terugrijden naar gepasseerde stations. “Nu wil Neprom weer de mogelijkheid aangrijpen om in het ergste geval 150.000 nieuwbouwwoningen mogelijk tóch weer te voorzien van een gasaansluiting. Net nu Economische Zaken om is, omdat zij ook inzien dat het Van Gas Los verhaal goed valt bij de burger. Die nieuwbouwwoningen die ze nu nog aan het aardgas koppelen, komen bovenop de opdracht van 7 miljoen bestaande woningen die we aardgasvrij moeten maken. Wat doet dát met de planeet? Het is eigenlijk schandalig.” Een voorbeeld dat illustreert dat lobbymachines op volle kracht draaien, ook door de aardgas-afhankelijke industrie. Van der Meer: “Iedereen bewerkt ambtenaren, en Kamerleden staan vaak ver van de materie. Bij de herziening van de Warmtewet, allemaal in het belang van de keuzevrijheid van de burger en de flexibilisering van tarieven, wordt de discussie telkens weer teruggeworpen. Dat maakt het voor een leek ondoorzichtig, en voor mij soms best vermoeiend.”

Verlanglijstje

Wat staat er op het verlanglijstje voor 2018? “Samen met corporaties mandjes voordragen bij het Rijk. Doorpakken. De Warmteregisseur moet straks op stadsniveau en zelfs op wijkniveau zijn werk doen. Welke techniek gaan we waar toepassen? Hoe kunnen we gebiedsgericht aan het werk, hoe kunnen we burgers meekrijgen? Geoliede machines maken, waarbij we geen technieken uitsluiten maar wijk voor wijk de boel aanpakken. Wijkwinkels, maatwerkadvies en met warmtenetten goede contracten afsluiten met aanbieders. Wat ik de markt mee wil geven? Ga mensen opleiden en vakkennis opdoen, want op alle niveaus zijn energiebedrijven, corporaties maar ook installateurs nog ingericht op de ‘oude’ situatie. Er is een hele nieuwe wereld te winnen.”

 

KADER

Jan van der Meer (52) is al vanaf zijn 20e betrokken bij verduurzaming. Aanvankelijk in de lokale politiek in Nijmegen. Hij was van 2006 tot 2014 wethouder in Nijmegen voor GroenLinks, waar hij aan de wieg stond van het lokale warmtenet en andere verduurzamingsprojecten in de Waalstad. Hierna werd hij adviseur bij bureau Over Morgen, waar hij overheden adviseert over ruimtelijke vernieuwing en duurzaamheid. Sinds 2015 is hij Warmteregisseur voor Metropoolregio Amsterdam, waarin hij overheden, industrie, bedrijfsleven en woningbouwcorporaties verbindt om de energievoorziening te verduurzamen. Per 2018 vervult hij dezelfde rol in de regio Arnhem-Nijmegen.