In oorlog met een onzichtbare vijand

De gaskraan in Nederland gaat dicht. Politicus Jan van der Meer is al een leven lang bezig met het vinden van groene alternatieven. “We moeten alles doen om deze oorlog te winnen.” En interview in De Gelderlander. 

Eigenlijk wilde Jan van der Meer proefkonijn worden. Maar nu twijfelt hij. Van der Meer woont in een bovenwoning, in Bottendaal in Nijmegen, een wijk uit het  begin van de twintigste eeuw. Een inductiekookplaat heeft hij wel, en zonnepanelen. Maar hij verwarmt zijn huis nog met gas. En dat is niet wat je verwacht van de warmteregisseur van Amsterdam, Arnhem en Nijmegen, van de man die moet zorgen voor alternatieven voor gas.

Hij onderzocht wel wat alternatieven, maar vond ze ongeschikt. Dus toen een directeur van een warmtepompenbedrijf voorstelde om Van der Meers huis voor een experiment te gebruiken, dacht hij: waarom niet? “Ik moet er toch vanaf. Hij komt met een hogetemperatuur-warmtepomp, iets nieuws. Daarmee zou het wel moeten lukken. Dat betekent: de cv-ketel eruit, een warmtepomp op het dak met een boilervat op de plek van mijn ketel. Op de eerste verdieping heb ik straks geen verwarming meer. Het vermogen is te beperkt om zoveel ruimtes te verwarmen. Maar de radiotoren in de woonkamer kunnen blijven hangen en ik hoef niet extra te isoleren. Aan/uit zetten is nog lastig, je moet die pomp constant laten draaien.”

Vorige week had hij besloten het te proberen. Maar sinds woensdag is alles anders. Nu weet hij dat hij stopt als warmteregisseur en wethouder wordt in Eindhoven. Hij zal verhuizen, tijdelijk waarschijnlijk. Zijn huis in Nijmegen houdt hij aan en verhuurt hij misschien. Kan hij een huurder wel opzadelen met zo’n experiment?

“Het kan zomaar zijn dat de hut niet warm genoeg wordt. Die directeur zei: als het niet lukt, haal ik alles weg en breng ik het terug in oude staat. Als het lukt, is het een oplossing voor veel huizen. Je gaat wel heel veel elektriciteit gebruiken. Mijn dak ligt al vol zonnepanelen en er zouden er twaalf bij moeten. Maar daar is geen plek voor. Dus ben ik dan afhankelijk van de landelijke elektriciteit. En die is maar voor 14 procent duurzaam opgewekt. Ben ik dan groen bezig? Weet ik niet.”

Zo worstelt ook de grootste voorstander van groene energie met een van de lastigste vraagstukken van deze tijd. Het gas moet eruit, maar wat is het alternatief? En wat kost dat?

Jan van der Meer (53) is zijn hele leven al bezig met groene energie. Hij zat in de gemeenteraad voor de Groenen en later GroenLinks in Nijmegen, en was er acht jaar wethouder. Sinds 2015 staat er warmteregisseur op zijn visitekaartje. Het wilde tot dusver niet erg vlotten met duurzame energie, Nederland hoort tot de achterblijvers in Europa. Dat zou in de komende jaren zomaar kunnen veranderen. De seinen in Nederland staan op groen, nu het kabinet heeft besloten dat de gaskraan echt dicht gaat en GroenLinks flink won bij de gemeenteraadsverkiezingen. Van der Meer moet in Eindhoven als wethouder gaan doen wat hij in de afgelopen jaren in deze regio probeerde.

Als hij een ding heeft geleerd is dat makkelijke oplossingen niet bestaan. En goedkope evenmin. “Deze operatie gaat ons 200 miljard euro kosten. Ik vergelijk het met de wederopbouw. Overal moet die straat open – het gasnet eruit en misschien een warmtenet erin. Of het elektriciteitsnet verzwaren om de groeiende vraag aan te kunnen. Een wijk als Bottendaal is lastig, eigenlijk zou je die het beste als laatste kunnen aanpakken. Eerst het laaghangend fruit: warmtepompen in goed geisoleerde huizen en een warmtenet voor de hoogbouw. En dan later de oude wijken.”

Maar Nijmegen wil juist Bottendaal als eerste aanpakken. Slecht idee dus.

“Het hoeft niet slecht te zijn. Het is goed om te leren. Als bewoner kun je het best aan het begin zitten; dan word je doodgeknuffeld met subsidies. Aan het eind is het goedkoper omdat er een schaalsprong is. De mensen in het midden betalen doorgaans het meest. Daarom moet je zorgen voor een soort verevening. Het moet wel rechtvaardig zijn.”

Stel: we doen wat langer met gas uit Noorwegen en Rusland, zou dat heel erg zijn?

Dat komt niet tegemoet aan het klimaatakkoord van Parijs.”

Dat is ook maar een document op basis van onderhandelingen?.Het kan ook anders, het is toch geen bijbel?

“Het is wel… Nou, het is een document om ervoor te zorgen dat de mensheid overeind blijft. We hoeven het niet te doen voor de ijsberen. Het gaat om het voortbestaan van de mensheid. Een opwarming van anderhalf, twee graden is een soort turning point. We kunnen de controle verliezen en de natuur kan gaan reageren op klimaatverandering. Dan wordt de Amazone te warm en vliegt het oerwoud in de fik. De permafrost smelt. Daar zit methaan in de bodem, een broeikasgas twintig keer erger dan koolstof. Er ligt ook veel methaan op de bodem van de oceanen. En als de oceanen te warm worden, kan dat zomaar loskomen. Ik heb hier een boek: Zes graden. Dat beschrijft hoe het uit de hand kan lopen als de aarde zes graden opwarmt. Dan moeten we allemaal naar de polen. Naar Groenland, IJsland, Siberië. Met 11 miljard mensen. Dat is een heel depressief verhaal.”

Denkt u dat de mensheid in staat is de knop om te zetten?

“Het moet. Het kan. We hebben het probleem met het gat in de ozonlaag opgelost. We maakten internationale afspraken over de cfk’s. Die zijn uit de handel genomen.”

Dat is niet te vergelijken.

“In fases dat ik professioneel depressief ben, denk ik dat ook. We zijn zo verslaafd aan gas en olie. het is heel moeilijk er af te stappen. Ik heb wel eens het voorbeeld genoemd van Churchill. Hij zorgde ervoor dat de economie in no time een oorlogseconomie werd. Het bedrijfsleven maakte geen strijkbouten meer, maar munitie, tanks en schepen. Om die oorlog te kunnen winnen. Nu hebben we ook een vijand, een onzichtbare vijand, de CO2 in de atmosfeer. Die vijand kunnen we alleen verslaan als we ook die economie omturnen. Dat we die warmtenetten neerleggen, dat we die warmtepompen maken, alleen nog elektrische auto’s maken, windmolens, zonnepanelen. Dat we alles doen om deze oorlog te winnen.”

Deze vijand wordt lang niet door iedereen als een vijand ervaren.

“Dat klopt. We hebben daar blijkbaar rampen voor nodig. Het is eindelijk doorgedrongen dat die Groningers te lijden hebben gehad van de gaswinning en nu kan er heel veel. We hebben blijkbaar iets van een ramp zo hier en daar nodig, helaas.”

U bent uw hele werkzame leven bezig om iets in de toekomst te voorkomen.

“En niet voor mijn kinderen”

Maar waarom dan?

“Als ik op het sterfbed lig, wil ik het idee hebben dat het niet aan mij heeft gelegen. Dat ik mijn best heb gedaan die klimaatellende te voorkomen. Zoals mensen uit de sociaaldemocratie dat eerlijk delen in zich hebben, heb ik dat gevoel dat je zuinig moet omgaan met de aarde. Wij wonen de aarde helemaal uit. We zitten op een tak en we zijn hem zelf aan het doorzagen. Dat raakt me.”

Slaagt u er altijd in naar uw eigen normen te leven?

Beslist: “Nee.” En dan: “Ik denk dat ik te veel vlieg. Met mijn reisgezelschap heb ik daar altijd discussies over. Kunnen we niet toch een vakantie in Europa boeken? Nee, zeggen ze dan. En dan ga ik toch mee.”

En waarin lukt het wel?

Ironisch: “Ik heb geen kinderen! Dat scheelt enorm. Daarom mag ik weer heel veel vliegen. Dat zei Midas Dekkers ooit. Ik fiets veel, ga vaak met de trein, ik heb zonnepanelen, een zonneboiler. Ik rijd in een elektrische auto. En een elektrische auto is nog cool ook. Dat is wel nieuw voor mij. Meestal werd wat ik deed, gezien als geitenwollesokkengedoe.”

Moet u van uzelf verantwoord leven, ook op momenten dat niemand het ziet?

“Ja, bij mij knaagt het dan. Soms denk ik wel: we gaan naar de kloten. Maar toch moet ik van mezelf papier dubbelzijdig gebruiken, moet ik mijn afval scheiden. Het is een levenswijze. Het begon in een periode waarin ik als jongere nadacht over de reden van bestaan. Heel veel mensen hebben zich er makkelijk afgemaakt: er is een God. Ik vond dat niet voldoende, ik ben een ontdekkingsreis ingegaan en ik kwam uit bij het ecologisme. We ontstaan uit de aarde en als we dood zijn, worden we een met de aarde. For the time being moet je zuinig zijn. Later wil ik ook gewoon begraven worden zonder kist, en met een boom erop. Een eik. Of nee, een beuk. En dan wil ik opgenomen worden door die beuk. Dat is mijn filosofie.”

Tot die tijd bent u bezig met duurzame energie. Nu vooral met warmtenetten. Er is veel discussie over de duurzaamheid van die netten. In Gelderland is er een in Ede, die op hout draait en in Arnhem en Nijmegen die op afval draaien. Erg duurzaam klinkt dat niet.

“Het is altijd duurzamer dan gas. In de regio Amsterdam wilden we een warmtenet koppelen aan Tata Steel. Was er weer zo’n gepensioneerde ingenieur die in de krant riep: ‘Maar dan kies je voor kolenwarmte, en dat is niet duurzaam. Bij Tatasteel gaan er kolen in en komt er warmte uit. Dat kan nooit duurzaam zijn.’ Maar luister: de warmte daar is een restproduct. Ik zeg tegen Greenpeace: ‘Als ik een plastic bekertje hergebruik, is dat duurzaam of niet? Ja, dat is duurzaam.’ Nou, dat is met een warmtenet niks anders. Je kunt overal kritiek op hebben. Biomassa uit de regio – sommigen zeggen dat dit niet CO2-neutraal is. Daar is ook heel veel koffie over te zetten maar uiteindelijk is het duurzamer. De meeste last heb ik van PVV’ers en GroenLinksers. PVV zeggen: hoezo klimaatverandering? Voor sommige GroenLinksers is het ideale de vijand van het goede. In een ideale wereld is er geen afval. Als je dat nu inzet voor een warmtenet, wijzen ze dat af. Zo gaat het nog heel lang duren allemaal.”

De warmtenetten draaien op afval. Straks slagen we erin al het afval te recyclen en staat u daar met uw warmtenet.

“Ik was onlangs op bezoek bij de ARN in Weurt. De grootste klanten daar zijn juist de recyclebedrijven. Er is altijd restafval over na recycling. In heel veel ovens wordt er van afval elektriciteit gemaakt, dan haal je 35 procent energie uit afval. Maak je er ook nog warmte van, dan is het 85 procent. De ovens in deze regio maken warmte en elektriciteit. Als er al ovens zouden sluiten, zijn het niet deze. Afvalverbranding is een Europese markt, waarbij vraag en aanbod nu in evenwicht zijn. Alleen staan die ovens vooral in Noordwest-Europa.”

Is het niet onlogisch om afval uit Engeland en Roemenië met vrachtwagens en schepen naar Nederland te vervoeren om het hier te verbranden?

“Het zal je verbazen, maar transport van Engeland naar de ARN levert minder broeikasgassen op dan storten in Engeland zelf. Bij storten komt methaan vrij. Dat is nog slechter. En hoor je ooit mensen klagen over de olie die helemaal uit Saudi-Arabie hier naartoe moet komen?”

Is het risico niet dat je nu een warmtenet bouwt op een bron die straks niet meer bestaat?

“Dan zoek je toch nieuwe bronnen?”

Zijn die er dan?

“De hoop is gevestigd op geothermie. In diepe aardlagen op zoek naar warm water. De strategie is: tegengaan van energieverspilling, blijven isoleren van gebouwen en wachten tot nieuwe warmtebronnen zich aandienen.”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *