‘Snel fietsstallingen in de stad’

fietsstallingJan van der Meer wil snel nieuwe fietsklemmen in de stad neerzetten. Maar de procedures zijn stroperig. En fietsers mogen zich ook wel eens aan regels houden. Een ingezonden artikel in De Gelderlander.

Afgelopen zaterdag kreeg ik in een redactioneel commentaar in De Gelderlander een veeg uit de pan over het gebrek aan voldoende fietsenstallingen in het centrum. Ik voel me geroepen om hierop te reageren.

Allereerst het Centraal Station. Daar hebben we significant te weinig fietsklemmen. In september 2007 werd de nieuwe gratis fietsenstalling bij het station met 2800 klemmen opgeleverd. De bedoeling was toen dat de tijdelijke stalling op de Van Schaeck Mathonsingel weggehaald zou worden bij de komst van die extra parkeerlaag. De prognose van prorail wees namelijk uit dat 2800 klemmen voorlopig wel voldoende was. Ik heb toen echter besloten om de tijdelijke stalling met 1000 klemmen maar te laten staan onder het motto: je weet maar nooit. Binnen de kortste keren was deze capaciteit dus ook volledig benut. Het lijkt erop dat wat je erbij zet altijd vol komt. Prorail heeft vorig jaar voor ons een nieuwe prognose gemaakt en gaat nu uit van een extra behoefte tot 2020 van zo’n 3.000 tot 6.000 fietsklemmen! Alle hens aan dek dus.  Maar ambitie botst vaak met stroperige procedures en gebrek aan geld. Zo wilden we snel aan de slag met extra stallingsruimte aan de westkant van het station. Maar dan blijkt dat we daarvoor de bodem moeten saneren, wat weer extra tijdverlies met zich meebrengt. Desondanks zal de stalling met 1.000 extra klemmen worden opgeleverd in december/januari. Voorts wordt een deel van de parkeergarage onder de Van Schaeck Mathonsingel ingezet voor een ondergrondse fietsenstalling.  Er komt ruimte voor 1.000 fietsklemmen. Een motie van GroenLinks om dat aantal te verhogen kreeg geen steun van andere partijen. Bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen rondom het station moet het fietsparkeren een prominentere plek krijgen. Dit is iets voor het volgende college en vandaar dat deze ambitie in het verkiezingsprogramma van GroenLinks staat vermeld.

Dan de binnenstad. In de afgelopen jaren hebben we her en der in het centrum fietsklemmen erbij geplaatst; een toename van zo’n 800 klemmen. Inclusief de twee opvangstallingen aan de Bisschop Hamerstraat en de Mariënburggarage hebben we nu in totaal 3.300 fietsklemmen in de binnenstad. Omdat we het fietshandhavingsbeleid gaan evalueren hebben we tellingen verricht naar de bezettingsgraad van de stallingen. Daaruit blijkt dat er doordeweeks genoeg klemmen zijn. Alleen op de zaterdag is er een tekort te zien van hooguit 70 klemmen. Desondanks moeten we ook hier voorbereid zijn op een groei van het aantal fietsers naar de binnenstad. We onderzoeken of er een extra laag kan worden aangebracht in de stalling aan de Bisschop Hamerstraat. Als de plannen van Plein 44 doorgaan dan komt daar een nieuwe opvangstalling met zo’n 1.200 klemmen.  Op de langere termijn bekijken we of we rondom Joris Ivensplein nog een opvangstalling kunnen toevoegen.

Feit blijft dus ook dat er doordeweeks geen reden is om je fiets niet te stallen in een fietsklem. Er is dus ruimte, misschien niet direct in de straat waar je moet zijn, maar wel misschien iets verder. Zo zijn er altijd genoeg klemmen in de Van Schevichavenstraat en in de Mariënburgsestraat. Ook de bewaakte stallingen staan op een doordeweekse dag nooit vol. Alleen op de zaterdag is er een tekort en daarom handhaven we niet op de zaterdag, tenzij de fietsen echt hinderlijk gestald staan. Mensen onderschatten vaak de overlast die wild gestalde fietsen kunnen geven. Ik heb versperde winkelingangen gezien, losstaande fietsen die allemaal omgevallen zijn en zelfs fietsen die op blindegeleidestroken staan! Als iedereen z’n fiets ordentelijk stalt is er niets aan de hand. Wat is daar nu zo moeilijk aan?
Jan van der Meer, wethouder Mobiliteit en Milieu van de gemeente Nijmegen