Toespraak Our Common Future 2.0

mensen1Vandaag sloot ik in Arnhem met een toespraak het plenaire ochtendgedeelte af van Our Common Future 2.0. De bijeenkomst in de Eusebiuskerk werd met duizend mensen erg goed bezocht en de sfeer was inspirerend. Terwijl achter mij op het scherm de successen van Nijmegen op het gebied van duurzaamheid werden getoond hield ik deze toespraak.

Beste mensen,

Doordat het warmer wordt schuiven de klimaatgrenzen langzaam op naar het noorden.
Dat gaat momenteel met een snelheid van 11 meter per dag, ofwel zo’n 4 kilometer per jaar.
Het goede nieuws voor Arnhem is dat ze hier binnenkort het Nijmeegs klimaat hebben.
Daarom mag ik als Nijmeegse wethouder hier in Arnhem het ochtendgedeelte van dit congres afsluiten,
als voorbode van het nieuwe klimaat.

Zonder gekheid, het geeft mij enorm veel energie en inspiratie om op een dag als vandaag zoveel mensen te treffen die hun bijdrage willen leveren aan een duurzame wereld.
Datzelfde gevoel als nu had ik ook in Kopenhagen – december 2009 – toen ik aanwezig was in een grote conferentiezaal met groen-gezinden uit alle delen van de wereld.
Het urgentiegevoel ontbrak bij onze wereldleiders.
Maar in die zaal vol afgevaardigden van groene partijen en organisaties was die er juist wel.
Daar bevonden zich gelijkgestemde mensen die beseften wat er op het spel staat;
waar we als mensheid op afkoersen als we niet uitkijken;
en wat er nodig is om ons als soort te laten overleven.
Niets meer en minder dan een ecologische revolutie is daar voor nodig.
Opgeladen en wel keerde ik huiswaarts en ging ik weer vol overgave aan de slag voor een duurzame stad
En datzelfde gevoel krijg ik hier opnieuw.
We delen een grote zorg, maar nemen initiatief en verantwoordelijkheid.

Dames en heren,
Medio jaren tachtig werd ik als jonge twintiger actief in de groene politiek.
Ik werd getroffen door de berichtgeving over zure regen, het gat in de ozonlaag, uitstervende diersoorten en het broeikaseffect.
Het rapport Our Common Future uit 1987 gaf hoop.
Ik dacht dat alles zou veranderen;
De problemen zijn echter groter en hardnekkiger gebleken dan we dachten en hoopten.
Aan de andere kant is de maatschappelijke bewustwording in de afgelopen jaren ook sterk gegroeid.
In die bewustwording spelen opinieleiders en vernieuwers een belangrijke rol.
OFC 2.0 is daar een mooi voorbeeld van!

Ik zal als wethouder zeker gebruik maken van de inzichten en ideeën die het boek biedt.
Want duurzaamheid is een speerpunt in Nijmegen.
Niet alleen in beleid, maar ook in concrete acties.
Niet alleen bij het bestuur van GroenLinks, PvdA en D66.
Maar zeker ook in de Nijmeegse samenleving.
Steden zijn dan ook prima biotopen voor klimaatbeleid en duurzame initiatieven.
Doordat veel mensen bij elkaar wonen, kan via collectieve systemen veel milieuwinst worden geboekt.
Denk aan fietsinfrastructuur, tram-, en metrosystemen, hoogbouw en warmtenetten.
Uit onderzoek blijkt ook dat de gemiddelde CO2-uitstoot per huishouden in de stad lager is dan in het landelijk gebied. Dus als er nog ergens groei moet plaatsvinden, dan moet die plaats vinden in de stad.

Daar komt bij dat steden vaak progressiever en actiegerichter zijn dan landelijke overheden.
Denk aan San Francisco, Curitiba (in Brazilië), Malmo, Kopenhagen, Brighton, Freiburg
In Nederland is Nijmegen een van de steden die voorop wil lopen.
Nijmegen is voor 1/10.000ste verantwoordelijk voor de mondiale CO2-uitstoot.
Dat is eigenlijk best veel.
En daar willen we iets aan doen.
Daar kunnen we iets aan doen!
En als 10.000 steden en gemeenten wereldwijd de ambitie zouden hebben om klimaatneutraal te zijn en daar allemaal mee aan de slag zouden gaan; dan redden we het.

Ik geef u graag 4 do’s and dont’s voor duurzaam bestuur op lokaal nivo.
Of wat bescheidener – het zijn vooral ook reminders voor mezelf:

1. Ruil symboolpolitiek in voor meters maken.
We moeten af van de pilots, primeurtjes, losse flodders.
Ga voor een lange termijn strategie met afrekenbare korte termijn doelstellingen.
En blijf dat alles – zolang de kiezer dat toestaat – consistent en consequent doorvoeren.
Dus niet 1 cradle to cradle huis laten bouwen maar regelingen treffen zodat honderden of duizenden woningen een paar labels zuiniger worden.
Niet koketteren met 1 waterstofbus maar de hele vloot omschakelen op biogas.

2. Ondersteun initiatieven van onderop.
Als wethouder zie ik gelukkig steeds meer initiatieven vanuit de samenleving.
Je ziet dat duurzaamheid echt doorgebroken is en niet meer weg gaat.
Alles wat je aandacht geeft groeit.
Dus stimuleer deze initiatieven en als het kan faciliteer ze.
Dat hoeft niet altijd met geld of subsidie.
Wat me ook opvalt is dat het bedrijfsleven vaak veel verder is dan de gemiddelde burger of overheid.
Vaak als uiting van maatschappelijk verantwoord ondernemen maar ook vaak vanwege een economisch motief.
Er valt aan duurzaamheid te verdienen, zo blijkt.
Dat is ook allemaal heel legitiem.
Omarm deze groene ondernemers en steun ze indien nodig.
Overigens heb je ook bedrijven die niet vooruit te branden zijn.
Daar hebben we de wet Milieubeheer voor.
Volgens deze wet moeten bedrijven alle energiebesparende maatregelen treffen die binnen vijf jaar zijn terugverdiend.
Dus durf bedrijven dan ook met de wet in de hand te dwingen als het niet anders kan en te beboeten als ze in overtreding zijn.

3. Roep waar het kan het kabinet op tot actie.
Steden kunnen een stap vooruit zetten maar dat wordt een grote sprong voorwaarts als de landelijke overheid maar op dezelfde lijn zou zitten.
Het Rijk is helaas nog niet voldoende aangehaakt op de groeiende duurzame beweging.
Dat is jammer.
Op het lijstje van landen met duurzame energie bungelt Nederland met ongeveer 3,5% ergens onderaan.
Ongeveer dezelfde situatie als bij het Eurosongfestival.
Azerbeidzjan doet het nog beter!
Maar dat zou onze eer toch te na moeten zijn?
Waar is onze VOC-mentaliteit?
En waar is het groen-rechtse geluid gebleven van Marc Rutte van voor de verkiezingen?
Nu hij aan de macht is laat hij het groen toch weer links liggen.
Kom op Rutte: zorg voor de juiste wettelijke maatregelen – kijk naar het feed-in tarief in Duitsland – zorg voor de juiste financiële ondersteuning en kap met kern en kolen!

4. Creëer een positief handelingsperspectief.
Dit vind ik bij tijd en wijle een lastig punt.
Ik heb veel gelezen over de klimaatcrisis.
Wat het meest deprimerend is, is dat we nu zitten met het klimaat wat hoort bij het CO2-gehalte van de jaren 50/60.
Daarna is de CO2-uitstoot exponentieel gestegen.
Er komt dus nog een opwarming aan, die we niet meer tegen kunnen houden.
En als het warmer wordt dan 2-3 graden wereldwijd dan gaat vervolgens de natuur reageren op klimaatverandering.
Dan vliegt de Amazone in de fik vanwege droogte, en laten de oceanen en de toendra’s broeikasgassen vrij waardoor verdere opwarming niet meer tegen te houden is.
Het is zoals een Duitse wetenschapper op een congres zei: dames en heren, maak je niet ongerust over klimaatverandering; raak ik paniek!

Maar ja, dat is verder ook niet zo’n vreselijk goed handelingsperspectief.
Voor mezelf niet, voor u niet en voor anderen wereldwijd niet.
De boodschap moet dan ook zijn dat het nog niet te laat is, maar we moeten wel als de sodemieter opschieten.
We kunnen het bij die 2 graden houden als we nu in versneld tempo de CO2-uitstoot, wereldwijd fors terugdringen.
En het is ons eerder gelukt.
Gezamenlijk hebben we bijvoorbeeld het gat in de ozonlaag en de zure regen teruggedrongen.
Dus laat die fossiele brandstoffen zitten waar het zit en aan de slag met duurzame energiebronnen.
En mijn pleidooi is dat je daar op lokaal nivo concrete stappen voor kunt, ja moet zetten!
Think global, act local!
Ook zo’n spreuk uit de jaren 80, maar nog nooit zo actueel.

Our Common Future 2.0 – dames en heren en ik rond af – levert een nuttige bijdrage aan een concrete en positieve aanpak van het grootste wereldprobleem.
Ik ga na vandaag weer met extra energie en inspiratie aan de slag om te bouwen een een duurzame stad en wereld.
Net als u.

Dankuwel